1Banner_opening 2019 2020.jpg banner-kromhouters-knhb.png header1.jpg header14.JPG header15.JPG header2.jpg header3.jpg header4.jpg header5.jpg header6.jpg
75-jarig jubileum Sep
1

THCC De Kromhouters door de ogen van ….

Nieuws afbeelding
Iedere maand gedurende ons lustrumjaar komen een aantal Kromhouters aan het woord. Ze krijgen allemaal dezelfde twee vragen en voor de rest krijgen ze carte blanche. We laten deze Kromhouters met elkaar herinneringen ophalen en horen graag hoe zij hét Kromhouters-gevoel verwoorden.

Deze maand presenteren wij u Bea & Harm van Beusichem.

Zij vertellen wat over zichzelf, wat ze bezig houdt bij de Kromhouters en beantwoorden twee vaste vragen, die de komende maanden ook nog door een aantal andere Kromhouters beantwoord wordt.

Vraag 1
Er wordt vaak gesproken over hét Kromhouters-gevoel. Hoe zouden jullie dit uitleggen aan een buitenstaander?

Harm:
Nadat mijn oudste zus Afke in 1954 op 11-jarige leeftijd gevraagd werd door Harry Septer om keepster te worden bij de Dames, ben ik geïnteresseerd geraakt in het hockeyen. Nadat mijn andere zus ook ging hockeyen, ben ik in 1958 lid geworden op 10-jarige leeftijd.
In die tijd bestond er nog een ballotage commissie die bepaalde of je wel lid mocht worden.
Boven verwachting heb ik dit gered en ik ben lid gebleven zonder onderbreking tot heden.
In het eerste jaar van mijn lidmaatschap werd er een jeugdelftal opgericht. De leeftijden van dit elftal liepen uiteen van 10 tot 16 jaar. De eerste jaren hebben we alleen maar uitwedstrijden gespeeld, omdat er geen wedstrijdveld aanwezig was. De training deden we onderling op het toen bestaande grasveld bij het fietspontje op de kade op woensdag en zaterdag.

Ik heb alle teams wel zo’n beetje gehad, maar Heren 1 is beperkt gebleven tot een aantal wedstrijden. Trainen was niet mijn sterkste punt, later heb ik dit ingehaald door een trainerscursus te volgen samen met Joop Jaspers en Len van Haaren om training te gaan geven en anderen te enthousiasmeren voor het hockeyen.
Ik ben in Heren 3 blijven hangen op aanraden van Phil Klop en daar heb ik het Kromhouters-gevoel echt gevonden, wat uitgegroeid is tot een groep (ex)Kromhouters die nog jaarlijks proberen bijeen te komen.

Vanaf het begin ben ik betrokken geweest bij de club door de handen uit te mouwen te steken, b.v. : ballen schilderen, grasmaaien samen met Henk Peters, lijnen trekken (soms recht, soms krom na een avondje stappen) en wat ik ook heel leuk vond was om kampioens-elftallen op een platte wagen achter de tractor door de stad te rijden.
Verder heb ik in veel commissie gezeten en verschillende bestuursfuncties gehad.
Het echte Kromhouters-gevoel is zeker ook geweest om van alles te organiseren met de beperkte mogelijkheden die er toen waren om geld in te zamelen voor de club ,zoals b.v. een Bingo avond, een Klaverjasdrive en van dit geld is er een bar gebouwd door Heren 3 aan de Medelsestraat.

Na mijn "hockey-carrière” welke ik plotseling wegens ongemakken moest beëindigen kom ik nog steeds graag naar mijn cluppie om Dames 1 en Heren 1 te kijken. Vanwege de corona kan dit nu even niet en dat mis ik wel. (Red.: tekst is geschreven in het voorjaar van 2021)

Bea:
Na eerst een jaar langs de lijn bij Harm te hebben gestaan, werd ik gevraagd om te komen zaalhockeyen buiten op de tennisbaan bij de Rijswijklaan.
Daarna ben ik op het veld gaan hockeyen in 1970 bij Dames 1, niet vanwege mijn kwaliteiten, maar er was maar 1 team en ze hadden speelsters te kort .
Toen er een tweede team bij kwam ben ik rap naar Dames 2 gegaan.
Ik heb 50 jaar actief gehockeyd waarvan een aantal jaren dubbel. Doordeweeks bij Union want bij de Kromhouters waren er geen Dames Veteranen teams meer op de dinsdag en op zondag bij de Dames Veteranen van de Kromhouters. Nu ben ik nog steeds niet-spelend lid.
Het enthousiasme voor de club is door een snelle besmetting van Harm gekomen en daardoor ben ik betrokken geraakt bij de club door allerlei functie te doen binnen de club waarvan het wedstrijdsecretariaat wel een uitschieter was, want dat heb ik jaren gedaan. Het leuke daaraan was dat je met andere clubs en binnen je eigen club heel veel contacten opbouwde, omdat in die tijd alles ging per vaste telefoon en niet via mail of computer.
Harm en ik hebben jaren samen in het bestuur gezeten, ieder met zijn of haar eigen ideeën en opvattingen waardoor de vergaderingen wel eens uitliepen maar heel gezellig waren.

Het clubgevoel hebben we proberen naar anderen door te geven , door b.v. ons huwelijksfeestje in het clubhuis aan de Medelsestraat te vieren. Dat was een leuke en aparte ervaring, daar denken we nog steeds met plezier aan terug.
We hebben samen veel toernooien georganiseerd en bezocht in binnen en buitenland wat wel de slagroom op de taart is om een goed hockey-gevoel te krijgen.
Nu ik niet meer hockey kijk ik graag naar het hockeyen van mijn kinderen en kleinkinderen, Femke met haar gezin in Amersfoort en Niels met zijn gezin in Parijs, maar ook hierbij gooit Corona roet in het eten. (Red.: tekst is geschreven in het voorjaar van 2021)

Vraag 2
Met elkaar creëren wij dat Kromhouters-gevoel. Op het veld, als vrijwilliger langs het veld, in het clubhuis, achter de schermen, etc. Wie springt er in jullie ogen in dit geval uit?
Welke Kromhouter verdient hier een compliment, én waarom?


Sander en Marilyn Bruggeman horen zeer zeker in dit rijtje thuis. Al 3 generaties maakt de familie Bruggeman deel uit van onze vereniging en Sander en Marilyn hebben hun hele ziel en zaligheid in de club gelegd.
Wij zijn erg nieuwsgierig naar hun eigen verhaal